Vierkoppig monster in langdurige zorg …

Eerder deze maand hoorde ik Mona Keijzer (woordvoerder zorg van het CDA) en Pauline Meurs (voorzitter van de RVZ) op de radio zeggen dat de bureaucratie in de gezondheidszorg sterk moet worden teruggedrongen. Toeval of niet: een dag eerder werd ik gebeld door Actiz, omdat zorgorganisaties zich bij hen beklaagd hebben over de grote tariefsverhoging van sommige ICT-leveranciers. En in diezelfde week voorspelt de Organisatie voor ICT Leveranciers in de Zorg (OIZ) een grote ICT-chaos bij zorgorganisaties per 1 januari 2015; velen zullen hun automatisering nog niet op orde hebben voor de nieuwe manier van communicatie met gemeenten en zorgverzekeraars. Dat verwacht ik ook. Maar erger nog, we creëren met de nieuwe zorgwetten een administratief monster voor de komende jaren.

De nieuwe wetten hervormen de AWBZ en maken bijvoorbeeld van gemeenten nieuwe financiers van zorg via de WMO. De doelstelling is een betere zorg; want, zo is de gedachte, gemeenten staan dichter bij de cliënt dan de centrale overheid. Op zich is hier veel voor te zeggen. Maar wat betreft de administratieve kant is deze transitie een ongelofelijk grote ingreep. De impact daarvan kan gemakkelijk worden onderschat. Zorgorganisaties moeten vier verschillende administraties implementeren; naast WMO ook JW, ZVW en WLZ. Dat is opmerkelijk, aangezien de overheid al jaren roept dat ze de bureaucratie en administratieve lasten wil verminderen.

70.000 combinaties
Veel gemeenten introduceren hun eigen contracten, zienswijzen en afrekenmethodieken. Ze zijn deze aan het implementeren en gaan ze de komende jaren verder optimaliseren. Een gevolg is, dat zorgorganisaties hun processen en ICT moeten afstemmen op uiteenlopende eisen van verschillende gemeenten. In Nederland zijn er meer dan 400 gemeenten en 18 productcategorieën. Voeg daarbij dat gemeenten tien of meer zelfbedachte zorgproducten hebben en je komt uit op meer dan 70.000 combinaties. Sommige zorgorganisaties hebben met een beperkt aantal gemeenten te maken, maar grotere zorgverleners werken in wel meer dan 200 gemeenten. Hun zorgsysteem moet dus kunnen communiceren met alle systemen van al die gemeenten. Gebeurt dat niet, dan kunnen zorgorganisaties de geleverde zorg niet declareren en zouden ze zo maar eens de salarissen niet meer kunnen betalen.

Deel van de waarheid
Een bevoorschotting lijkt geregeld te zijn, maar de vraag blijft of en hoe lang die zal worden uitgevoerd. Er zijn nu al zorgorganisaties die besloten hebben te stoppen met bepaalde activiteiten of als onderaannemer te gaan functioneren. Daardoor komen er vele honderden mensen op straat te staan. De officiële lezing luidt dat dit komt door de bezuinigingen die de overheid oplegt. Dat is slechts een deel van de waarheid; wat daar nog bij komt is dat het administratieve proces te ingewikkeld wordt om nog effectief en rendabel zorg te kunnen leveren.

Geen opgelegde standaard
Er zijn gemeenten die nog weinig idee hebben van hoe ze gegevens aangeleverd willen krijgen wat betreft de zorgverantwoording en declaraties. Softwareleveranciers die systemen van de gemeenten onderhouden kunnen dus niet op tijd klaar zijn met aanpassen. Hoe kunnen zorgorganisaties zich dan voorbereiden om ook na 1 januari 2015 zorg te kunnen blijven verlenen en declareren? Er is geen opgelegde standaard voor uitwisseling van gegevens tussen gemeenten en zorgorganisaties. Iedere gemeente mag dit voor zichzelf bepalen.

Boekhouder regeert
Dat is vreemd, aangezien nu de continuïteit van de zorgverlening en daarmee de volksgezondheid op het spel staat. De gevleugelde uitspraak ‘bij gebrek aan visie regeert de boekhouder’ gaat hier op. Zorgorganisaties zullen veel geld kwijt zijn aan de implementatie van al dit administratieve gedoe dat de ‘boekhouders’ van derden hebben bedacht. En, hoeveel zorgorganisaties kunnen in maart nog de salarissen betalen? In februari moeten ze declareren over januari, dus zorgorganisaties gaan de gemeenten facturen sturen. Hoe gaat er gecontroleerd worden, wanneer gaat er betaald worden?

De dames Keijzer en Meurs serveren de mosterd na de maaltijd. Actiz maakt zich kwaad namens haar leden. Eigenlijk hadden ze een paar jaar eerder, samen met hun achterban hierop moeten insteken: ‘transitie, prima; maar dan ook een administratieve lastenvermindering’. En dat sommige ICT-leveranciers hun prijzen zo verhogen, dat begrijp ik wel.

 

Deze blog is eerder gepubliceerd op UNIT4 Blog en Zorgvisie en is cocreatie met Tom Modderkolk.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s